Het is beslist niet zo dat alleen ons huidig tijdsgewricht gewaagt van intense geschiedvervalsingen op grote schaal. Dat is door de eeuwen steeds gebeurd, vooral wanneer mensen twijfelen aan de koers die juist in hun levenstijd wordt ingeslagen. Waarbij die tijd steeds maar weer wordt voorgesteld als een transitionele. Een periode tussen twee wel onderscheidbare fases die men ook nauwkeurig meent te kunnen definiëren. Maar dat is een vorm van geprojecteerde duiding waarbij het eigen ego steeds weer als uitmiddelpuntig ijkpunt geldt. Waarbij dat ego, dat zich ontredderd en misplaatst voelt, zich wilsonafhankelijk meent te kunnen opstellen jegens die tijden die men al meent te kunnen overschouwen. Dat was bij Fruin óók zo.

Hij moest Vaderlandse Geschiedenis gaan doceren op academisch niveau. En op een moment dat zelftwijfel eigenlijk het gemeen verbindende ontremmingspunt was van wat men toen, ook weer tijdelijk, de natie noemde. Een natie die protestant was en tot grootse dingen in staat al wist ook Fruin zo gauw niet welke. In 1870 is West-Europa weer eens flink in beroering. Pruisen is militairement in opmars onder leiding van Bismarck. Het verslaat het Oostenrijkse broedervolk verpletterend. In de Slag bij Königgrätz in 1866, de Brüderkrieg. De Pruisische zege beslechtte de oorlog en betekende dat de Klein-Duitse richting kon worden doorgezet ten koste van Oostenrijk-Hongarije, wiens prestige zich nooit echt heeft hersteld van deze nederlaag. Het arrogante Pruisen dwingt de andere Duitse staten zoals Württemberg, Saksen, Hannover, Baden, Beieren zich aan Pruisen te wonderwerpen in een soort plichtmatige Douane-Unie. Die veel verdergaande aspiraties heeft, maar die alleen Bismarck kent. En Bismarck, de tijdgeest aanvoelend, zet ook de Nederlandse Rompstaat aan de Noordzee onder grote druk: het moet zich maar bij deze Noord-Duitse Bond aansluiten als Duitstalige Deelstaat met een eigen vorstenhuis en verder niet zeuren.
Het kan zich tóch niet handhaven in zijn eentje. En dan heeft Pruisen eindelijk een zeehaven in Rotterdam die ook meteen ongehinderde doorvaart via de Rijn naar het immense Duitse achterland kan faciliteren. Dan kan ook Pruisen eindelijk een transoceanische beurtvaart organiseren zoals Engeland dat daarom juist in deze periode de wereldhegemonie heeft. Rotterdam pleegt dan juist enorme diepte-investeringen om inderdaad een transitohaven te worden voor de Rijnvaart en de vaart op de Donau die nu openligt omdat Oostenrijk noch Hongarije zich nog langer als zelfstandige Rijnoeverstaten kunnen doen gelden. Dan ligt ook de toegang tot de Zwarte zee open en vandaar naar de Kaspische zee. Handelscommerciële firma’s te Rotterdam zetten zich daarvoor volledig in en nemen onverdedigbare risico’s. Den Haag krijgt daarom moeilijkheden met Londen. En vraagt dus Fruin om een meeslepende geschiedenis te schrijven waarin de staatszelfstandigheid en neutraliteit van Nederland repetitief thema is onder het motto God, Nederland en Oranje. Dat moet de boodschap zijn van Fruin. En Fruin neemt die opdracht graag aan. Fruin gaat de feiten daarop inrichten. Eigenlijk om erger te voorkomen. En men ziet binnen enkele maanden nadat Fruin begonnen is dat Pruisen Frankrijk aanvalt en op de knieën dwingt. Iets wat niemand had gedacht. Dus ook niet verwacht.
