Wilhelm kon, nog verblijvend te Spa op die 9e november, niet begrijpen dat hij staatkundig volstrekt had afgedaan. Er was eigenlijk ook niemand in zijn directe omgeving die hem daarop had voorbereid. De militaire legerleiding vond nu, dat het niet aan haar was om op de abdicatie aan te dringen: het was ineens een staatkundige aangelegenheid voor de burgerlijke regering. Dat was hypocriet. Ludendorff had al die jaren het hele burgerlijke apparaat bevelen gegeven tot en met de keizer toe. Toen deze generaal Hofmann nadere inlichtingen had gevraagd over enige tactische operaties aan het oostfront, had Ludendorff de keizer afgeblaft dat hij dat had na te laten. De generaal was zijn ondergeschikte, als de keizer iets over tactische ingrepen wenste te vernemen kon hij alleen bij Ludendorff terecht. Ook al was de keizer dan Oberster Kriegsherr. Alle militairen te Spa waren thans doordrongen van de portee van Ludendorffs masterplan om de burgers volledig en uitsluitend de schuld te geven van de wapenstilstandsonderhandelingen, mochten die nadelig uitpakken. Ludendorff waren ze liever kwijt, maar zijn erfenis aanvaardden zij dankbaar. Zie: Virgina Cowles, “De Keizer”, pp 352-374. Gröner schijnt de eerste te zijn geweest, die de Keizer ronduit zei, dat hij als opperbevelhebber van de weermacht had afgedaan. Wat de Keizer ook zou doen, die macht zou hem niet gehoorzamen. Waar, en in welke bewoordingen Gröner dat heeft gedaan, staat niet helemaal vast. Gröner houdt vol, dat hij zoiets nooit tegen de Keizer heeft gezegd.

Vast staat wel, dat Veldmaarschalk Hindenburg de Keizer niet wilde zeggen dat hij moest abdiceren. Hij vond wel, dat de Keizer dat moest doen, maar vond dat het met zijn vaandeleed niet verenigbaar was, zulks aan de Oberste Kriegsherr te zeggen. Waarom hij dan vond, dat Gröner, toch ook vaandeledige opperofficier, dat wel kon, is niet makkelijk te verklaren. Wellicht omdat Hindenburg Pruisisch generaal was geweest in het Pruisische leger en Gröner Württemberger generaal was gebleven. Hindenburg had de Keizer ook als Pruisisch Koning trouw gezworen, Gröner niet. Het zijn drogredenen, omdat Gröner sprak als Eerste Kwartier-Meester-Generaal bij de Oberste Heersleitung en alszodanig door de Keizer was ingezworen met een vaandeleed en een zuiveringseed. Hindenburg wilde echter niets zeggen over ’s Keizers staatsrechtelijke positie op de 9e november 1918. Hij ried alleen, dat, als de Keizer had besloten buitenslands te gaan, hij zulks het best kon doen in Nederland dat het meest nabijgelegen was.
Naar Basel vertrekken vanuit Spa zou de Keizer leiden over de gevaarlijke wegen door het Rijnland die wellicht bezet konden zijn door revolutionaire rode troepen, waarover Hindenburg de meest pregnante angstfantasieën ventileerde. Hij liet Gröner dus de beslissende woorden spreken, die moeten hebben geluid zoals aangegeven. Daarna gingen Hindenburg en Gröner terug naar Hotel Brittannique waar hun stafkwartier was. De Keizer bleef in Chateau La Fraîneuse, zijn luxe villa in Spa. Onderweg bestond Hindenburg het tegen Gröner te zeggen dat deze een “zware verantwoordelijkheid” op zich had genomen, door te spreken als geciteerd. Gröner maakte er zich in de avond kwaad over blijkens zijn dagboekaantekeningen. Wilhelm Gröner, Lebenserinnerungen: Jugend-Generalstab-Weltkrieg, opnieuw bewerkt door Friedrich Freiherr Hiller van Gaertingen, Göttingen, opnieuw uitgegeven door Vandenhoeck/Ruprecht, 1957. OCLC 942-99-8885, ASIN B000BISSF Gröner ontkent dat hij zich zo kernachtig uitdrukte. Hij deelt mee dat het leger had doen weten, via steekproeven, dat het lagere kader niet bereid was nog te gehoorzamen aan bevelen, omdat ze van de Keizer afkomstig waren. Het zou zich ordelijk terugtrekken in geregelde afdelingen, aangezien dat de snelste weg was naar het vaderland en totale demobilisatie. Daarvoor had het aan de gezagsstructuur binnen de regimenten genoeg..
