De maritieme versperring van de Straat van Hormuz sedert 9 maart 2026

De oorlogvoerende of belligerente partijen veroorzaken thans sedert 9 maart 2026 een absolute, dus effectieve, blokkade van de Straat van Hormuz. Voorshands doet alleen de USA via zijn marine (vliiegdekschepen) dat effectief, maar stellig zullen ook andere westelijke geallieerde partijen van de USA daaraan gaan bijdragen en zulks wederom absoluut en effectief. Wellicht ook Nederland via zijn konvooiering van een Frans vliegdekschip dat onderweg is naar het blokkadegebied in die Straat. Sedert 9 maart wordt de Straat van Hormuz niet alleen feitelijk absoluut, maar ook maritiem effectief geblokkeerd door een nog onbepaald aantal partijen waaronder de USA. Kan gezegd worden dat deze partijen, indien door deze afsluiting de aanvoer van primaire levensbehoeften van enige statelijke bevolking onmogelijk wordt gemaakt zich schuldig maken aan deelneming aan enig misdrijf tegen de menselijkheid als bedoeld in artikel 5 van het Statuut van Rome 1998? Dit is een complexe juridische vraag die het snijvlak raakt van internationaal humanitair recht, strafrecht en geopolitiek. Om te bepalen of een blokkade van de Straat van Hormuz onder het Statuut van Rome (1998) valt, moeten we kijken naar de specifieke criteria voor misdrijven tegen de menselijkheid.

Het korte antwoord is: Ja, dat is juridisch verdedigbaar.  Mits aan een aantal strikte cumulatieve voorwaarden wordt voldaan. Het volkerenrechtelijk  kader voor deze aansprakelijkheden wordt gevormd door de artikelen 5-7 van  het Statuut. Hoewel artikel 5 (dat de rechtsmacht van het Hof over de kernmisdrijven regelt), staan de definities van misdrijven tegen de menselijkheid in artikel 7, Een blokkade die de aanvoer van primaire levensbehoeften (voedsel, medicijnen, water) afsnijdt, kan onder de volgende sub-categorieën vallen:

  1. Uitroeiing (Extermination – Art. 7, lid 1b): Dit omvat expliciet het opzettelijk opleggen van levensomstandigheden, zoals het onthouden van toegang tot voedsel en medicijnen, berekend op de vernietiging van een deel van de bevolking.

  2. Andere onmenselijke handelingen (Art. 7, lid 1k): Een vangnetbepaling voor handelingen die opzettelijk ernstig lijden of ernstig lichamelijk of geestelijk letsel veroorzaken.

  3. Vervolging (Persecution – Art. 7, lid 1h): Indien de blokkade zich richt tegen een specifieke groep op politieke, religieuze of etnische gronden. Om een blokkade als misdrijf tegen de menselijkheid te kwalificeren, moet de aanklager van het Internationaal Strafhof (ICC) drie zakenuiteindelijk kunnen  bewijzen:

  • Wijdverbreid of stelselmatig karakter: De blokkade mag geen incident zijn, maar moet deel uitmaken van een vastgesteld beleid of een grootschalige aanval gericht tegen een burgerbevolking.

  • Wetenschap (Mens Rea): De betrokken partijen moeten weten dat hun handelen deel uitmaakt van deze aanval. Als de blokkade bedoeld is als militair middel, maar men weet dat het tot massale uithongering leidt, wordt de drempel van opzet/wetenschap vaak gehaald.

  • Status van burgers: De blokkade moet gericht zijn tegen de burgerbevolking. In het internationaal recht is uithongering van burgers als oorlogsmethode strikt verboden (ook onder de Protocollen van de Conventies van Genève). Met houden er rekening mee dat het volledig afknijpen van olie en gas als voortstuwingsmiddel voor transportmiddelen uiteindelijk hongersnoden in de hand werkt en ook onherroepelijk veroorzaakt. Het voornaamste probleem van de mondiale voedselvoorziening ligt in de transporten.  Niet in de voedselverschaffing ter private consumptie op locatie van de bevolking.

De rol van de USA en andere partijen

Een complicerende factor is dat de Verenigde Staten geen partij zijn bij het Statuut van Rome. Dit betekent dat het ICC normaal gesproken geen rechtsmacht heeft over Amerikaanse staatsburgers, tenzij:

  1. De VN-Veiligheidsraad de situatie doorverwijst naar het Hof.

  2. De misdrijven worden gepleegd op het grondgebied van een staat die wél partij is bij het verdrag.

Hongersnood als wapen

Sinds een amendement in 2019 is “uithongering van burgers als methode van oorlogvoering” ook expliciet strafbaar gesteld in niet-internationale gewapende conflicten (artikel 8), maar in de context van de Straat van Hormuz (een internationale waterweg) kijken juristen primair naar de bredere definitie van ‘uitroeiing’ onder artikel 7.

Conclusie: Indien een blokkade doelbewust wordt ingezet om een bevolking de toegang tot overlevingsmiddelen te ontzeggen en dit leidt tot massale sterfte of ernstig lijden, voldoet dit in theorie aan de materiële elementen van misdrijven tegen de menselijkheid. De daadwerkelijke vervolging hangt echter af van politieke erkenning van het Hof en de specifieke bewijslast omtrent de militaire noodzaak versus de humanitaire impact.” Nederland doet zijn fregat De Evertsen een smaldeel konvooieren en dat Frankrijk dat dat deel commandeert van plan is zich met de afsluiting te gaan bemoeien in welke zin dan ook staat buiten kijf.” De hongersnood kan intreden in iedere staat die van import van volksvoedsel afhankelijk is, men denke vooral op dit moment aan Afrikaanse staten die daarvoor op dit moment door voortgezette regionale destabilisatie ontvankelijk zijn. In dat geval wordt het deelnemen aan de blokkade die tot gijzeling van de burgerlijke bevolking leidt mede begaan ook in deelnemingsverband op het grondgebied van dergelijke staten.”