Die Deltawet voorzag eigenlijk voor het eerst weer in een rijksbrede interregionale waterstaatsvisie met allerlei landelijk gespreide maatregelen. Want de ramp van 1953 had de natie goed wakker geschud. Geen provincie ontkwam aan de langdurige gevolgen van die watersnood. En men begon meteen aan de Schielandsche Hooge Zeedijk bij Nieuwerkerk aan den IJssel opnieuw te werken, haar te verbreden, verhogen en het dijklichaam zwaarder te verankeren. men sloot toen aan bij het interregionale project dat de monniken van Egmond en Hohorst waren begonnen in 850-1420. En dat ze niet af hadden kunnen maken omdat de godsdiensttwisten die in de zestiende eeuw losbarstten ze dat onmogelijk maakte. Ik schreef over die Benedictijner dijkage een studie die u kunt vinden onder syllabus 27 op deze site (www.gerardstrijards.nl) onder de naam “De Benedictijner Hollandse Groote Hollandsche Dijckagie, Nederland polderland uit barre noodzaak“.https://gerardstrijards.nl/wp-content/uploads/2025/08/001-DE-HOLLANDSE-GROOTE-DIJCKAGIE.pdf

. De bronnen en litteratuurreferenties bij deze studie verschillen naar tijdsfases. Tussen 850-1559 moeten we bij handgeschreven primaire bronnen zijn. Die vinden we via documenten bij het H. Stoel. Daar worden fiscale registers bewaard die belastbare feiten in de Lage Landen registeren. Het leggen van een dijkpark is boven de Rijn zo’n feit. En het verschaffen van een gewijde processiekaars is daaronder zo’n feit. Zie: https://gerardstrijards.nl/wp-content/uploads/2021/09/De-Rotterdamse-Sint-Laurens-middeleeuws-poldercentrum-van-Holland.pdf
De H. Stoel krijgt van de afdrachten per kerkprovincie – Het Sticht onderscheidenlijk Luik – provisie. Die wordt in de Romeinse registers nauwkeurig vermeld. Met opgaves van de tarieven, de heffingsmaatstaven en de inner. In canonieke afkortingen. Via die afkortingen kunnen we afleiden waaruit het fiscale feit bestond en waarom nu juist dát feit werd gefiscaliseerd en welke aanslagcriteria golden. Daaruit kunnen we bijvoorbeeld afleiden of de Abt van Egmond inde en waarom, waar en tegen welk tarief. Zo tekent zich een dijkagetraject af. Voor de poldering geldt dat ook. Is de Stichtse Bisschop de heffer, dan vinden we vergelijkbare fiscale annotaties.
Na 1559 treedt een nieuw bestuurssysteem in deze Lage Landen in werking. De Habsburgers voeren nieuwe Bisdommen in. Bij Concordataire regeling met uitvoeringsovereenkomsten. Met nieuwe fiscale rechtskringen, belastbare feiten, inningsmethoden, provisietarieven. Die zijn allemaal in druk verkrijgbaar. De delineaties –geografische territoriale omschrijvingen op basis van wederzijds overeengekomen afstandslegenda — van die Bisdommen duren wat langer maar ze geven zelfs geografisch de fiscale inspecties weer en de naheffingen. De bebronningen voor het onderwerp van deze studie zijn nu simpeler en ook het rare Kerklatijn is geüniformeerd. In 1609 gaan de Staten-Generaal stomweg op dat Romeinse systeem verder, want het werkt goed. En er is nu een wapenstilstand. Iedereen denkt dat die ook snel gaat uitmonden in een vredesregeling. Dat valt tegen. Voor geopolitieke achtergronden van deze Benedictijnse dijkage en grote poldering zie: Katholieke geopolitiek In de Lage Landen, https://gerardstrijards.nl/wp-content/uploads/2023/09/nova-KathGeopolitiek-5.pdf
