Effectief rechtsmiddel van redres

De situatie is dus voor de slachtoffers van deze grootschalige bendeverkrachtingen aldus: naar het Engelse strafrecht beschikken zij niet over enig effectief rechtsmiddel ter vergelding van datgene wat hen systematisch is aangedaan door de gangsters van Pakistaanse herkomst. De Crown Prosecution Service zal geen KC’s kunnen organiseren die bereid zijn tezamen op te trekken om een collectieve vergelding te bewerkstelligen. Een bestraffing van de Pakistani via een tenlastelegging die deze systemische rechtsverkrachting, ontstaan door een vacuüm jurist (leemte in de rechtshandhaving) door politieel wegkijken.  Gepaard van het verbasteren van bewijsmateriaal. Teneinde de schrijnende nalatigheden om recht te plegen te herstellen. Zulks op een wijze die voldoende recht doet aan de maatschappelijke  onlust die al decennia stomweg als een natuurverschijnsel is getolereerd als onontkoombaar aan een multiculturele samenleving met overwegend raciale machtige minderheden. Minderheden die zich dat ook heel goed bewust waren en volhardden in hun patronen. Want geen KC zal bindende instructies daartoe aanvaarden en afspraken willen maken omdat een KC deelt in de onafhankelijkheid die een rechterlijk ambtenaar in strafzaken in het adversarial system nu eenmaal toekomt. Hij zal beloven zijn uiterste best te doen, maar meer ook niet. Zijn best, om er nog uit te slepen wat mogelijk is aan schadeloosstellingen en herstelprogramma’s voor de slachtoffers. Maar hij zal nooit iets beloven over zijn procesopstelling anderszins. Nova, voorheen onbekende en onkenbare nieuwigheden, kunnen blijken, (verschoonbare)  rechtsdwalingen kunnen bij vleet worden opgevoerd door de verdachten die uit het voortgezette gedoogbeleid vanwege de politie meenden te kunnen opmaken dat het Engelse recht hen toeliet te doen wat zij zich systematisch meenden te kunnen veroorloven.

Voor het bewijs van een dergelijke beweerde dwaling zullen er voldoende experts opgeroepen kunnen worden die met stelligheid komen beweren dat de religieuze inculturatie van deze Pakistani het verkrachten billijkte en godsdienstig aanvaardbaar maakte als onderdeel van de heilsgeschiedenis die Allah toezei aan allen die de Profeet in diens eindstrijd wilden bijstaan. Zij zullen niet schuwen om dat bij de kruisverhoren van de getraumatiseerde slachtoffers naar voren te brengen en doen zij het niet, dan zal de verdedigende barrister er wel mee aankomen om hard te maken dat de verdachte een religieuze overtuigingsdader was, die handelde onder een existentiële geloofsaandrang. De verdediging zal daar stellig mee dreigen en ook dat de verdachten alle aanleiding hadden, vanuit hun maatschappijvisie, om de slachtoffers te verwijten dat ze de indruk wekten publieke proefstations te zijn voor de seksuele ontladingen van deze in heilige strijd verkerende volgers van het wenksignaal van de Profeet. Dat is onontkoombaar wanneer de Service op grootschalige wijze deze zaken nu ineens gaat aanbrengen. En dát weer, omdat dan de vervolgden in collectief verband hun verdediging gaan verspreiden in dundrukedities van de desbetreffende Soera’s uit de Kor-An. Daarbij zullen Non Gouvernementele Organisaties met overheidssubsidie bijspringen. Je kunt er waarachtig op wachten, de Service zal het niet kunnen voorkomen. Bezwarende getuigenissen zullen nauwelijks meer verkrijgbaar zijn wegens het tijdsverloop en het steeds weer zo imperfecte herinneringsvermogen van de mogelijk traceerbare getuigen. De slachtoffers zullen, kortom, geen “effective remedy” tot hun beschikking hebben naar het Engelse strafprocesrecht. Hun achterstand is op nationaal niveau niet meer in te lopen.

Dat betekent dat ze als collectief rechtstreeks toegang moeten eisen tot het Mensenrechtenhof te Straatsburg dat het Europees regionaal Mensenrechtverdrag nog altijd moet toepassen, omdat artikel 13 daarvan toepassing moet vinden als ware hier een kort geding aanhangig. Het artikel dat zegt dat je bij deze rechter pas mag aankloppen als alle nationale rechtsmiddelen uitgeput zijn en niet effectief meer in stelling kunnen worden gebracht. Het artikel luidt: Recht op een daadwerkelijk rechtsmiddel
Een ieder wiens rechten en vrijheden die in dit Verdrag zijn vermeld, zijn geschonden, heeft recht op een daadwerkelijk rechtsmiddel voor een nationale instantie, ook indien deze
schending is begaan door personen in de uitoefening van hun ambtelijke functie.

De slachtoffers zullen moeten beginnen met de stelling, dat ze geen effectief of daadwerkelijk rechtsmiddel meer hebben door het discriminatoir wegkijken van politie en justitie van Engeland. Dat zullen ze dan moeten aannemelijk maken. Maar onder de hier geschetste omstandigheden is het te doen. Bewijzen hoeven ze niet over te leggen. Hun verhaal over het opsporings- en vervolgingsbeleid dat in Engeland jegens deze slachtoffergroep gebruikelijk was, wordt thans zelfs in overheidsrapporten onderschreven. Ze kunnen de redacteuren daarvan oproepen in Straatsburg en deze kunnen immuniteit aanvragen. Verder zijn er nu zoveel academische verhandelingen over deze wegkijkpraktijken geschreven, dat de stellers daarvan eveneens oproepbaar zijn. Van de lidstaten bij het Mensenrechtenverdrag hoeven de slachtoffers niets te verwachten. Deze staten zullen echt Engeland als staat niet willen aangeven als inbreukmaker op de basisbeginselen van het Europees idee van een positieve uitwerking van de Rule of Law en de daarbij Rules baset Public Legal Order. Pijnlijk is immers, dat beide ideeën steeds meer een chimère blijken in een multiraciale maatschappij die de demografische evenwichten nationaal volkomen verstoord heeft.

De leden bij dat Verdrag, de Staten van West-Europa, maar ook die uit de Russische Federatie kunnen dan hun zienswijzen doen blijken als intervena bij een dergelijke procesgang. Maar ik denk niet dat de rechters in Straatsburg zo’n benadering zullen willen ontvangen. Ze zullen de niet-ontvankelijkheid ervan uitspreken in de preliminaire fase, omdat ze na te lang tijdsverloop zijn benaderd door de slachtoffers en hun doelgroep van subsidiaire belanghebbenden. De familie, de partners, de bloed- en aanverwanten. Het zou een schande zijn.  Maar opvallen zal het niet. Niet meer.