Schaakmat te Straatsburg

Samengevat komt de stand van zaken in de onafgedane grooming gangs zaken die zich vooral in noordelijk Engeland voordeden op het volgende neer. Tweehondervijftigduizend jongere Engelse, dus witte, meisjes in de puberteit en de adolescentieperiode  zijn stelselmatig in groter georganiseerd verband verkracht en ontuchtig bejegend door bendes, samengesteld uit Pakistani, al of niet in Engeland genaturaliseerd of toegelaten ingevolge de vreemdelingenwetgeving. Deze bendes waren hiërarchisch georganiseerd en deden zich ook kennen als gedreven door een Islamitische ideologie volgens welke deze slachtoffers geen volwaardige rechtssubjecten waren. Ik gaf al enkele digitale links op waarin de slachtoffers zelf, hun ouders, voogden of toezichthouders zelf hun uitvoerige relazen opgaven. Ze deden aangiften of formuleerden klachten bij de plaatselijke politiekorpsen die deze meestal terzijde legden zonder uiteindelijk een voor bezwaar vatbare beschikking te slaan. Er werd ongemotiveerd geseponeerd, er werd van iedere opsporing afgezien wegens bewijsdefecten aangaande de afwezigheid van wilsinstemming van de slachtoffers of hun kennelijke verzet. Hadden de slachtoffers niet aanvankelijk met de seksuele betrekkingen ingestemd?  Er waren ook loverboys in het spel, moet men rekenen, die aanvankelijk met cadeautjes kwamen, leuke uitstapjes, feestjes en die inspeelden op de existentiële onzekerheid van de witte meisjes. Die nu eindelijk, eindelijk, eens het middelpunt waren van alle belangstelling en ook instemden met een sterrentrol in een pornofilm, omdat ze langs deze weg  konden ontsnappen aan hun milieu en opstoten als echte actrices in grote romantische films. Ze wilden het geloven en dus geloofden ze alles. Totdat ze massaal in verenigd verband verkracht werden. Of de ernstiger zaken werden wel aangebracht in een hoger politieel echelon dat vond dat er geen reden was de Crown Prosecutorial Service in te schakelen of deze Service zelf vond dat er sprake was van een lichtvaardige aangifte dan wel een ontoereikende strafklacht, ook in de zaken waarbij het recht tot strafvervolging niet afhankelijk was van de klacht of de aangifte. Bijvoorbeeld omdat geen kennelijk letsel was geconstateerd bij de slachtoffers, in welke vorm dan ook. Bedenk: deze zaken zijn altijd bewijstechnisch ambigue, vooral als de slachtoffers door listen, verdichtsels, beloften, geschenken verleid worden om mee te doen aan iets dat ze niet kunnen overzien. De gangs wisten er wel raad mee.

Of de Service bracht de zaak wel ter kennis van de in te schakelen QC, die echter niet bereid was de inbeschuldigingstelling – als die al werd geformuleerd – te bevestigen, over te nemen en tot de zijne te maken als inzet van een volledige strafprocedure. Politie en Service stelden zich ostentatief terughoudend op in deze gevallen uit vrees dat ze de indruk zouden maken bij een beschikking tot instelling van strafvordering uiteindelijk (raciaal)  te discrimineren, een vrees die vooral aan de zijde van de QC virulent aanwezig was, omdat zij als hoger geplaatste advocaat met de opdracht s’ Konings Vrede te borgen binnen diens jurisdictiekring ernstige reputatieschade konden vrezen en zelfs ontzetting uit hun waardigheid die ze met zoveel moeite bij de Koning hadden weten te verwerven. Politie en Service, met dat verschijnsel maar al te goed bekend, anticipeerden daar dan ook vaak op. Binnen de korpsen circuleerden instructies zulks te doen omdat dergelijke schade uiteindelijk ook ten nadele van de korpsen kon uitpakken en zelfs de inschakeling van de rijksrecherche kon rechtvaardigen. De QC’s per arrondissement hadden daaromtrent ook gentlemen agreements met Politie en Service gesloten, die overigens, ook na aandrang, niet publiek werden gemaakt. Dat was uiteindelijk mede een van de redenen dat deze nefaste praktijken zo lang konden voortwoekeren. Het gold verder slachtoffers uit de zogeheten lagere sociale strata, waarbij de meisjes en jongens ook werden geclassificeerd als vroeg geslachtsrijp, seksueel al te voorlijk, Lolita’s vaak, met één natte vinger te lijmen en makkelijk te brengen tot het begunstigen van ontucht en omgang, aanstotelijk voor de eerbaarheid in de regio. Ze gaan voor een paar pond voor gaas, ze laten zich berijden door iedere hengst, als ze maar belangstelling krijgen. Zo zagen de QC’s het. Daar was de Vrede des Konings dus niet mee gemoeid. Deze staat van zaken is door Keir Starmer uiteindelijk na lang verzet erkend. Maar nog met horten. Niet zonder reserves die Starmer onmiddellijk na de eerste dagvaardingen in stelling zou brengen.

Hij opende vooruitzicht op een reeks nieuwe procedures die ik samenvat als mogelijke buitengewone revisies ten nadele van de mogelijke Pakistaanse verdachten via een aparte commissie voor de strafrechtspleging. Gelet op het feit dat dat onder alle omstandigheden impliceert dat de vervolgingen alsnog na zeer ruim tijdsverloop zullen plaatsvinden, met als consequentie dat veel bewijsmateriaal onherroepelijk te niet is gegaan – men denke alleen maar vooral aan de imperfectie van het menselijk geheugen en zintuigelijk waarnemingsvermogen – terwijl de politie in bijna alle gevallen nadrukkelijk had opgegeven dat er geen redelijke verdenking was te formuleren, is er vrijwel geen kijk op dat deze nieuwe herhalingsprocedures enig soelaas zullen kunnen bieden aan de inmiddels gerezen vergeldingsbehoeften van de staat. De staat UK, het Britse Verenigd Koninkrijk.  Waartoe deze slachtoffers als rechtsgenoten  behoorden. Wat zouden de mogelijke genoegdoeningen of schadeloosstellingen – dáár gelaten wat men zich daarbij eigenlijk zich als adequaat zou willen voorstellen – daarbij uiteindelijk moeten zijn? Terwijl én politie, én Service, én de betrokken QC’s bij hoog en bij laag ontkend hebben dat zij vreesden voor de genoemde reputatieschade die ze opliepen. Als discriminatoire organen ten dienste van of ingebed binnen de rechterlijke macht. De QC’s hebben aan het home office verontwaardigd doen weten dat ze deze vrees niet herkenden laat staan dat het bij hen als beroepsgroep een onbewuste drijfveer is geweest bij hun weigerachtige houdingen om aan klachten en aangiften enige nadere aandacht te schenken. Ze waren terughoudend bij het afdoen van de aangiften. Omdat dit soort meisjes nooit persistent en consistent handelden. Omdat deze soort steeds terugkwam op aangiften en klachten en hun beschuldigingen ook ter zitting wel weer in zouden trekken, zeker als hun loverboy er door in de gevangenis zou kunnen komen. Bewijsvergaring dat de gangs heel goed wisten dat deze vrees onderliggend motief kon zijn bij de inertie van de rechtspleging en het opsporingsapparaat hebben de QC’s altijd tegengewerkt. De gegevens waarop deze vergaring zou kunnen steunen zijn nooit aanvaard bij de gedingstukken die konden leiden tot de rechtsingang bij de Crown Courts. Ze zouden wellicht met kunst en vliegwerk alsnog gefabriceerd kunnen worden. Maar dat zou hun geloofwaardigheid zeker niet ten goede komen, zeker niet bij de voorzittend rechter die professioneel collega is van die QC’s. Dat houdt in, dat de slachtoffers in Engeland geen rechtsredres kunnen verwachten. Geen adequate genoegdoening. Integendeel. Een tweede schandvlekking is voorzienbaar. Publiek. Met naam en toenaam van de slachtoffers. Het is nu een kwestie van prestige van de stand die de QC’s fysiek vertegenwoordigen binnen het bestaande bestel. De QC’s zullen, ter bewaring van hun gezag en autoriteit, alles naar het rijk der fabelen verwijzen. Juist en ook te Straatsburg waar een Hof zit waarin ook nog Russen zitten. Die heetten wel geschorst ten gevolge van de inval in de Oekraïne. Maar of deze maatregel stand kan houden, verdragstechnisch gezien, is zeer de vraag. Het geldt hier een trouvaille van Brussel, waarop Ursula von der Leyen aandrong.