Nieuwe Contracten van Correspondentie III

Deze regentenklieken kregen hun kans omdat de opstand tegen de Koning van Spanje zo wonderwel slaagde, reeds in de zestiende eeuw. Na 1585 gingen de raadslieden van de Spaanse Koning al contact zoeken met de regenten, de notabele stedelingen in Holland, omdat de Spaanse troepen niet in staat bleken een effectieve bezetting te leggen in het polderland van Holland. De troepen moesten aangestuurd worden op te grote afstand en waren eigenlijk nooit meer dan een expeditionaire politiemacht.  Ze moesten steeds over de Alpen naar de opstandige gewesten zien op te marcheren en waren al flink aan het eind van hun Latijn als ze in de zone van de militaire operaties arriveerden via de linker-Maasoevers. Ze kregen steeds hun soldij niet op tijd, werden slecht bevoorraad en konden absoluut niet tegen het gure klimaat, terwijl ze steeds maar door inundaties moesten waden. Ze verzopen bij bosjes met hun zware kurassen in die watermassa’s waarin ze moesten manoeuvreren, vooral omdat ze nooit zagen wanneer ze sloten en weteringen naderden. En ze konden nooit zich volledig bedienen van de zware artillerie in die watervelden. Zo viel het verzoek om een wapenstilstand de regenten tot de eigen verbijstering in de schoot. Ze werden erkend als vertegenwoordigers van een mogendheid in volkerenrechtelijke zin. Mazzel. Maar deze regenten gingen het zien als blijk van hun bijzonder verzetsvermogen en geopolitieke inzichten. Ze kregen bij de wapenstilstandsvoorwaarden bijna volledig hun zin. Dat stijfde hen in hun arrogantie en eigendunk. Ze waren de baas in hun nieuwe staat!  Werden de regenten van onderaf vrijwel niet in toom gehouden, opmerkelijk is dat door de Nederlandse opstand tegen Spanje ook vrijwel iedere teugel van bovenaf kwam te vervallen. Er was immers geen heersende adel. En de geestelijkheid had geen doorzettingsmacht. Zo vielen de regenten omhoog. In 1581 werd de landsheer, Filips II, afgezworen en na nog wat mislukte experimenten met andere buitenlandse vorsten ging de prille Republiek vanaf 1588 zonder landsheer verder. Vanaf dan waren de stedelijke regenten de alleenheersende  baas in de Republiek. Wel ontstonden in de loop van de 17e eeuw diverse conflicten met de stadhouder. De macht van de regenten was het grootst tijdens het Eerste Stadhouderloze Tijdperk (1650-1672). Ze konden doen en laten wat ze wilden. En dat deden ze dan ook. Een heel klein clubje. Een zelfbenoemde elite. Dat bleef regeren. Tot vandaag de dag. En dat verklaart nog steeds waarom Den Haag nooit luistert naar de kiezer. Dat heeft het nooit gedaan. Democratie was nooit te vinden in Nederland. Al deed de elite wel, of het anders was en juist reuze democratisch.

De Republiek ontwikkelt zich in de loop van de 17e eeuw tot een van de rijkste en machtigste naties van Europa. Aan de basis van deze macht stonden de regenten, die ondanks al die welvaart toch veel van hun burgerlijke waarden bleven behouden. Na de Vrede van Münster in 1648 werd het rustiger op het Europese strijdtoneel. De tijd van de grote dynastieke- en godsdienstoorlogen was voorbij waardoor de Europese monarchieën weer de kans kregen binnenshuis orde op zaken te stellen. Dit ging gepaard met binnenlands economisch herstel en afscherming van de eigen markt. In Frankrijk ontwikkelde zich het mercantilisme en in Engeland werd in 1651 de eerste Acte van Navigatie gesloten. Nederland werd van de oceanen geweerd. Maar ook hier had het mazzel. De Engelsen putten zich uit. In de ene burgeroorlog na de andere. Tegen de koning en diens aanhangers. Totdat het huis Stuart aantrad.  Daarna werd het voor de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden moeilijker  om op deze landen handel te drijven. Ook in de andere Europese landen kreeg de economie de kans zich te herstellen. En Nederland bood, net als nu, vooral diensten aan. Nooit veldgewas, nooit halffabricaten laat staan eindproducten.  Waardoor steeds minder landen nog de behoefte hadden om gebruik te maken van de tussendiensten die de Nederlanders konden verlenen bij het transitoverkeer. Voor lange tijd was de Republiek een stapelplaats geweest waar Europese zakenlieden de waren en het kapitaal aantroffen die zij nodig hadden. Bovendien vonden zij in de Republiek de schepen en de mankracht om de waren naar alle bestemmingen ter wereld te vervoeren.

Rond het midden van de 17e eeuw waren de Europese landen steeds beter in staat hun eigen inwoners te voeden. De diensten van de Hollanders en de stapelplaatsfunctie was overbodig geworden. De rijkdom van de Republiek had haar hoogtepunt bereikt hoewel deze niet helemaal en vaker helemaal niet te danken was aan de regenten. Eind 17e eeuw is de Republiek in oorlog met Engeland onder leiding van Michiel de Ruyter. Omdat de mogelijkheid om te handelen was afgenomen trokken steeds meer regenten zich terug uit de handel. De buit was binnen. En droeg rente op rente. Hollanders gingen hun kapitaal beleggen in aandelen, obligaties en leningen waarna zij zich steeds meer toelegden op het besturen van hun stad. Hun welgedane en verwende zonen gingen zij voorbereiden op een loopbaan in het politieke leven; zij werden eerst naar de universiteit gestuurd om daar rechtsgeleerdheid te studeren. Via contracten van correspondentie wisten de regenten elkaar de lucratieve baantjes toe te spelen en via de onderlinge familierelaties sloot men zich als stand steeds meer af voor buitenstaanders. Voorts was er een contractie binnen de regentenklasse omdat de vroedschap zich verkleinde. Hierdoor werd het nog moeilijker dan voorheen om regent te worden. De regentenstand was een kleine afgesloten oligarchie geworden. En dat bleef het. Dat merken we. D66 is hun centrale soos. Waarin spaarzaam anderen mogen komen. Alleen via introductiebewijzen.