21 juni 2026 is het midzomernacht, de langste dag en de kortste nacht. De warmte en het licht van de zon zorgen voor een natuurlijk hoogtepunt. De zon staat op het hoogste punt en alles om ons heen is in volle groei en bloei, de natuurlijke overvloed. Dat maakt heel wat los aan emoties. Door de eeuwen heen is de zomerwende traditioneel gevierd. De energie van de midzomer kan in je leven zorgen voor geluk, vitaliteit en overvloed. De natuurkracht is enorm rond de zomerende geloven velen, Kijk hoe alles in volle groei en bloei is. Midzomer wordt ook wel Litha of zomerzonnewende genoemd. Het is het hart van de jaarkalender. Na 21 juni gaat de zon weer terugkeren naar zijn laagste punt naar de winterwende, de Yule op 21 december. Door de eeuwen heen werd de zomerwende uitbundig gevierd met midzomernachtvuren om de zon te eren. De zon en het licht brengt leven en vruchtbaarheid. Vroeger werd er veel waarde gehecht aan die cyclisch scheppende kracht van de zon en de zomerwende. Zo bouwde men markeringen in de vorm van steencirkels waardoor men de zonnewende kon bepalen of tunnels waardoor het licht alleen volledig schijnt tijdens de zonnewende. Zo kon men zich bewust afstemmen op de energie en kracht van de zomer. Hoewel wij (bijna) niet meer zelfvoorzienend zijn en evenmin ons eigen voedsel verbouwen, groeien en verzorgen, zorgt het afstemmen op de midzomer energetisch voor overvloed, grote oogsten (beloningen), vitaliteit en geluk. Je met dan wel willen meewerken, anders werkt het niet. Wat jij er niet in stopt komt er ook niet uit. Van oudsher worden er grote midzomer vuren ontstoken om de zon te eren. Traditioneel sprong men over het vuur of de gloeiende kolen voor geluk, een goede oogst of een langdurige en goede relatie. Vuurenergie is een krachtige (yang)energie, die je helpt om je gedachten te reinigen, los te laten en te transformeren. Vuur in combinatie met de energie van de midzomer nodigt overvloed en geluk uit in je leven.In plaats van een groot kampvuur kun je ook een vuurkorf gebruiken. Lukt het vanwege je woonsituatie niet om vuur te maken, maak dan een cirkel van kaarsen of waxinelichtjes. Sluit je ogen, stem jezelf af op het vuur en de energie van de zomerwende en laat de energie bij je binnen komen. Ook kun je volgens traditie over het vuur (of kaarsjes) heen springen om overvloed, rijkdom, geluk en gezondheid uit te nodigen in je leven. Wil je iets loslaten of ergens afscheid van nemen? Schrijf dan op een papiertje alles op rond dat thema wat je kwijt wilt en verbrand je papiertje in het vuur. Het werkt echt. Als je maar wil. En met geitenharen sokken aan de voeten.

De heilige van de dag is Aloysius van Gonzaga. Aloysius trad in bij de jezuïeten te Rome op 25 november 1585. Hij was op dat moment ruim zeventien jaar oud. Jezuïet. Hij deed alle geestelijke oefeningen. En staalde zich tegen de prikkelingen van de zintuigelijke lusten. Hij overdreef ook wel. Een jonge jongen. Zijn geestelijk leidsman leerde hem nu zich te matigen in de strenge religieuze praktijken waaraan hij in de afgelopen jaren zo gewend was geraakt. De jonge novice zei van zichzelf: “Ik ben een stuk kronkelig metaal en ben ingetreden om gladgeschaafd te worden.” Je hoort en in deze tijden van welvaart en decadentie niet vaak meer. Vanaf nu leidde hij het leven van elke jezuïet in het begin van zijn opleiding: hij legde na afloop van het tweejarige noviciaat de drie religieuze geloften af, studeerde filosofie en deed zijn examens. In 1589 werd hij naar zijn ouderlijk huis teruggestuurd om een ruzie bij te leggen tussen zijn vader en zijn broer Rudolf. Daar had hij een flinke tijd voor nodig en pas in mei 1590 keerde hij naar Rome terug. In 1591 werd Italië getroffen door allerhande rampen en ziektes. Aloysius ging daarom uit bedelen om aalmoezen in te zamelen voor de pestlijders. Stuitte hij op straat op een stervende patiënt, dan droeg hij hem in zijn armen naar een hospitaaltje, waste de zieke, gaf hem te eten en deed alles wat nodig was. Hij walgde van de stank en de afzichtelijke goorheid van de zieken met hun wonden, de hospitalen met hun gebrek aan hygiëne en de ziekenzalen met hun smerige bedden en vuiligheid. Maar zijn overste maande hem tot voorzichtigheid. Er waren al genoeg jonge jezuïeten in opleiding het slachtoffer geworden van hun heldhaftigheid; ze raakten zelf besmet en stierven meestal niet lang daarna. Vandaar dat Aloysius’ overste hem opdroeg alleen naar het hospitaaltje te gaan van Maria van Altijddurende Bijstand. Daar werden namelijk geen pestlijders of andere gevallen van besmettelijke ziekten heengebracht. Aloysius gehoorzaamde. Maar de eerste de beste patiënt die hij er verzorgde, bleek achteraf wel degelijk besmet te zijn. Op 3 maart 1591 bleef de jonge jezuïet met hoge koorts in bed. Uiteindelijk kwam hij er wel weer bovenop, maar hij was intussen zo verzwakt dat hij tenslotte toch bezweek aan de gevolgen ervan. In de late avond van 21 juni 1591 blies hij zijn laatste adem uit; drieëntwintig jaar oud. Hij werd nu patroon der Christenjeugd. Je kreeg zijn gipsen beeld met je eerste heilige communie. Want je moest hem navolgen. Dat viel nog niet mee. Dat was zielelouterend. En dus goed. Op 19 oktober 1605 werd hij door paus Paulus V zalig verklaard. Paus Benedictus XIII verklaarde hem heilig op 31 december 1726 tegelijk met Stanislas Kostka, die in 1568 op achttienjarige leeftijd was gestorven Dus u moet maar vandaag goed aan hem denken. Dat werkt energetisch en zuiverend, als u door een brandende hoepel springt.
